• slide
  • slide
  • slide

De huismuis bestrijden, voorkom schade

De huismuis is in Nederland (in tegenstelling tot de meeste in het wild levende dieren) niet beschermd omdat het een plaagdier kan zijn. Ze kunnen door hun snelle voortplanting in korte tijd enorme groepen vormen. Een graanpakhuis kan soms enkele honderden of zelfs duizenden huismuizen bevatten. Hoewel ze vrij weinig eten, kunnen ze met hun uitwerpselen voedsel vervuilen. Soms vernielen ze allerlei materialen, zoals snoeren en verpakkingen, door eraan te knagen. Ze zijn geen belangrijke verspreider van ziekten, maar via hun ontlasting zouden ze in zeldzame gevallen salmonella en de ziekte van Weil kunnen verspreiden. Wilt u grondig de huismuis bestrijden, dan doet u er goed aan een specialist in te schakelen. 

Algemene informatie

De huismuis is een knaagdier die u overal ter wereld ziet. Ze hebben een zachte, bruingrijze vacht die op de buik iets lichter is dan op de rug en hebben grote ogen en oren. Ook heeft de huismuis een karakteristieke muffe geur. De geringde, geschubde staart is ongeveer even lang als de muis zelf. De huismuis heeft korte poten en een vrij spitse snuit met een roze neusspiegel en lange snorharen. De huismuis heeft beitelvormige voortanden die zijn hele leven lang doorgroeien en door middel van knagen kort gehouden moeten worden. Op zijn bovenste snijtand heeft de huismuis een inkeping. De grootte van de huismuis is onder andere afhankelijk van de habitat: muizen op eilanden zijn vaak groter dan op het vasteland.

De huismuis maakt vooral piepende geluiden. Daarnaast maakt de huismuis veel ultrasone geluiden. De huismuis heeft een scherp gehoor en vlucht bij het minste geluid. Zelf een huismuis bestrijden is daarom lastig. De experts van B.O.N. beschikken over uitgebreide expertise.

Levenswijze

Huismuizen zijn echte alleseters. Ze hebben een voorkeur voor granen, zaden, noten, wortelen en insecten, larven en wormen, maar bij gebrek aan beter voedsel kunnen ze ook papier of zelfs zeep en lijm eten. De huismuis kan bovendien overleven zonder water te drinken, zolang het voedsel dat ze eten voor minstens 15 à 16 procent uit water bestaat. Een huismuis bestrijden zonder professionele hulp is daarom lastig. De huismuis kan zeer goed knagen, klimmen, springen en zwemmen. Ook heeft hij een scherp reukvermogen, waarmee hij zijn weg vindt en zijn familieleden herkent. Hun gezichtsvermogen is echter slecht ontwikkeld, ze verplaatsen zich in het donker door te tasten met hun snorharen.

Huismuizen zijn voornamelijk 's nachts actief. Ze maken een rond hol in de grond, dat met een ingang is verbonden met een nestkamer, die op twintig centimeter diepte ligt. Soms leggen ze ook voedselvoorraden aan, in heuveltjes van tot wel 50 centimeter hoog. In gebouwen leven ze onder de vloer of tussen opgeslagen artikelen.

Leefgebied

De huismuis leeft in een grote verscheidenheid aan leefgebieden, maar bijna altijd in de buurt van de mens. Een huismuis bestrijden vergt enige moeite. Het aanpassingsvermogen van de huismuis aan zijn omgeving is dan namelijk enorm. Ze zijn zelfs waargenomen in kolenmijnen, en er zijn gevallen bekend van huismuizen die leefden in koelhuizen, waar de temperatuur constant 18 graden onder nul was, en daar ook jongen voortbrachten. Om ze uit te roeien moet een specialistisch bedrijf de huismuis bestrijden.

Voortplanting & levensverwachting

De huismuis plant zich razendsnel voort. Hij kan zich het gehele jaar door voortplanten, meerdere nesten krijgen met een groot aantal worpen, en jongen zijn al na zes tot twaalf weken geslachtsrijp. Het vrouwtje kan vijf tot tien keer per jaar jongen werpen met drie tot twaalf jongen per worp. De draagtijd is 19 tot 21 dagen. Het nest bestaat uit allerhande versnipperd materiaal als gras en papier. In landbouwgebieden in Europa is er een geboortepiek in mei en juni, in stedelijke gebieden plant de huismuis zich het gehele jaar door voort. Het bestrijden van de huismuis kan daardoor lastig zijn. Een huismuis bestrijden kunt u het beste daarom aan B.O.N. overlaten. Vraag vrijblijvend om advies.